Vorige week belde Augustin uit het ziekenhuis.
Zijn dochter had malaria. De koort was hoog, het meisje
bijna dood. Of we geld konden brengen. Eerder legde de dokter
geen infuus aan.
Daarmee stelt Augustin mij voor dilemma's
waar donoren niet uitkomen. Hoe help je iemand die zich
moeilijk laat helpen? Er zijn twee duidelijke oplossingen.
1. Ik plaats Augustin onder mijn toezicht zodat mijn hulp
kan helpen. Zijn gezin moet aidsremmers slikken. Augustin
en zijn vrouw mogen geen kinderen meer krijgen en geen geld
schenken aan de kerk. Over zijn leven voer ik de regie.
2. Ik ontsla Augustin omdat hij zijn werk niet naar behoren
doet. Het is bovendien een illusie dat ik hem van zijn ellende
kan verlossen. Hij heeft zijn kaarten gezet op Here Jesus.
Allebei de oplossingen zijn onacceptabel.
De eerste is radicaal neokolonialisme. De tweede een terdoodveroor-deling
voor ene meisje zo oud als mijn zoon. Dus modderen we voort.
Totdat Augustin geld, eten en vitaminepillen komt halen
voor zijn meisje. Hij stapt voor een lift in mijn auto.
Uit mijn tas steelt hij geld.
Bron: Internationale Samenwerking
IS - december 2009