Zaterdag,
3 juni 2006
Vanavond
is er een Hollandse avond bij Café Roma georganiseerd.
Hoewel we eerst van plan zijn om naar de Thai te gaan, zijn
we snel van gedachten veranderd als we een smsje binnen krijgen:
"Bavaria, Febo frikadellen, WK poule, acht uur".
Met name de frikadellen (speciaal!) geven de doorslag om toch
maar naar de Italiaan te gaan. We arriveren rond 20.30 uur
en eten eerst een pizza alvorens ons tussen de Nederlanders
te begeven. Al snel zien we bekende gezichten en krijgen we
échte Bavaria en Hollandse snacks geserveerd. Zelfs
de Nederlandse muziek ontbreekt niet, zodra de stroom terug
is. We doen mee aan de zoveelste WK poule, ditmaal met een
inzet van 10.000 shilling voor een goed doel. Nu maar zien
of Oranje het ook waar maakt...
Vrijdag, 9 juni
2006 - Heroes' Day
Weer
één van de vele public holidays die Oeganda
kent. Vandaag worden de helden herdacht die in 1986 voor hun
vrijheid vochten. Het scheelt dat Pinksteren hier niet gevierd
wordt, ondanks het feit dat de mensen zo streng gelovig zijn.
Inmiddels is ook hier een WK-gekte
uitgebarsten. De straten zijn nog net niet versierd, maar
op tv en de radio wordt er uitvoerig over gesproken en gespeculeerd.
Op het werk lijkt iedereen zich alleen nog maar bezig te houden
met de poule en wie 't gaat winnen. Zelfs Mawa lijkt de laatste
dagen opvallend veel interesse in haar kapotgekauwde voetbalschoen
te tonen!
Zondag, 11 juni
2006
Dit
weekend staat vooral in het teken van voetbal. Gisteren hebben
we de wedstrijd Engeland - Paraguay in het café Just
Kicking gekeken. Gezellig tussen de Britten! De stemming was
uitbundig en riep een beetje de sfeer van
onze stamkroeg in Nederland op. Na afloop zijn we bij de Mexicaan
gaan eten en waren we op tijd thuis voor de tweede helft van
Trinidad - Zweden.
Vandaag gaan we met Hans en Edna opnieuw
naar Just Kicking, ditmaal om onze eigen ploeg aan te moedigen.
Alle vier gekleed in een oranje shirt zijn wij de enige (zichtbare)
Nederlanders, temidden van Britten, Oegandezen en zelfs een
groepje luidruchtige Serviërs! Luidkeels zingen de Servische
mannen het volkslied mee, waarna alle ogen in het café
op ons gericht zijn, in afwachting van onze zangkunsten. Natuurlijk
houden wij ons wijselijk stil. Na afloop drinken we een biertj
op de 1-0 overwinning en worden we sportief gefeliciteerd
door de Serviërs. We worden zelfs op de foto gevraagd,
samen met onze vrienden en een grote Servische vlag.
Overigens
is dit weekend een start gemaakt met het graden van de weg
tussen Namaiba en de farm én met de bouw van een extra
stuk aan onze veranda. Beide zouden binnen een week klaar
moeten zijn, maar Afrikanen kennende... De dirt road vanaf
Namaiba wordt door het graden bijna twee keer zo breed en
de gemiddelde snelheid waarmee je eroverheen rijdt verviervoudigt.
Het is zo'n verbetering dat de verleiding om hard te rijden
groot is, maar het duurt niet lang voordat de eerste handmatige
verkeersdrempels opduiken.
Naar boven
Woensdag, 14 juni 2006
Vandaag is er een
nieuw zakelijk uitstapje voor Miranda gepland. In de loop
van de ochtend vertrekt ze onder andere met Amos en de minibus
van Great Lakes Safaris richting Mbarara: het land van de
Ankole koeien, bananen en het Bahima volk.
"Na een rit
van bijna vijf uur stoppen we in Mbarara voor een late lunch.
Hier ontmoeten we een jongen wiens ouders over een grote boerderij
in Nshenyi beschikken. Zijn familie heeft ons uitgenodigd
om bij hen te overnachten en te kijken wat de toeristische
mogelijkheden in dit gebied zijn. Tegen 16.30 uur gaan we
op weg naar de farm in Nshenyi, dat nog zo'n 65 mijl (ruim
100 km) van Mbarara blijkt te liggen! Drie uur lang rijden
we door een landschap van glooiende heuvels, uitgestrekte
bananenplantages en maïsvelden. De onverharde weg voert
ons langs kleine dorpjes, weiden waar Ankole koeien grazen
en we passeren tientallen mensen die matoke per fiets vervoeren.
Het uitzicht is adembenemend, zeker wanneer we de zon achter
de heuvels zien zakken. Tegen 19.30 uur arriveren we op de
farm, wanneer het helemaal donker is. We kunnen dus weinig
van de omgeving zien, maar het is duidelijk dat we de bewoonde
wereld ver achter ons gelaten hebben. We maken kennis met
de vrouw des huizes, die ons hartelijk ontvangt met Afrikaanse
thee (heel veel melk) en brood. De boerderij zelf is een groot
wit, stenen gebouw met een stuk of tien kamers. Iedereen krijgt
een ruimte met een bed toegewezen en ze tonen ons de weg naar
de wc's en douche. Deze bevinden zich buiten; niet meer dan
een long drop en een bak met water.
Na een korte rondleiding nemen we
plaats in de 'zitkamer' die sfeervol wordt verlicht door olielampen.
Dit is nu eenmaal een gebied waar men hélémaal
geen stroom kent. Na enige tijd krijgen we bezoek van enkele
mannen, de buren van de familie. De mensen in deze omgeving
worden de Bahima genoemd, afkomstig van de stam Banyankole,
en houden er nog een zeer traditionele levenswijze op na.
In feite verschillen ze nog niet eens zoveel van de Masai:
ze wonen in manyatta's, dragen een gekleurde doek om de schouders
en hun stok heeft een gelijkwaardige functie als de speer
van de Masai. Heftig gebarend en met hun stok zwaaiend beginnen
ze een geanimeerd gesprek in hun lokale taal. Af en toe valt
er het woord "mzungu" maar dat is het enige dat
ik er van begrijp. Wanneer ze vertrekken volgt er een interessante
uitleg over de cultuur van de Bahima en hun gewoonten.
Om 22.30 uur is het tijd om te eten.
De tafel in het midden van de ruimte wordt gedekt met pannen
en schalen, vol met matoke, aardappels, rijst, bonen en vlees.
Overigens hebben zich in de loop van de avond een hele groep
mensen in de kamer verzameld. Waar ze allemaal vandaan komen
is me een raadsel; ik dacht dat we in the-middle-of-nowhere
zaten! Na de maaltijd haalt de zoon van de familie zijn gitaar
te voorschijn. Verschillende liedjes in het Engels, Swahili
en Runyankole worden ten gehore gebracht. Al snel komt de
stemming er goed in en wordt er uitbundig gedanst, wat door
gaat tot middernacht.
Meer
weten over de Bahima?
Donderdag, 15 juni 2006
Vroeg in de morgen
word ik gewekt door de zon. Er is ons weinig tijd gegund voor
de ochtendrituelen want de koeien moeten gemolken worden!
Via een maïsveld lopen we naar een omheind veld waar
tientallen, zo niet honderden, koeien staan. Kalfjes lopen
er tussen en proberen zoveel mogelijk zelf van moeders melk
mee te krijgen. De omgeving is overigens schitterend op dit
vroege uur. De kudde Ankole staat met hun sierlijke hoorns
bij elkaar, terwijl de mist mysterieus op de vlakte blijft
hangen en de heuvels op de achtergrond verbergt. Het is dat
de nevel het zicht belemmerd maar anders kun je vanaf de boerderij
zowel Tanzania als Rwanda inkijken!
De kinderen lijken willekeurig op
een koe af te stappen, binden de achterpoten vast, knijpen
vervolgens een kan tussen hun benen en beginnen te melken.
Regelmatig probeert een kalfje één van de spenen
te pakken en wordt dan resoluut weggejaagd. Na een poosje
gefascineerd toegekeken te hebben, is het mijn beurt. Ik kniel
naast één van de koeien en probeer op dezelfde
wijze melk uit de uier te krijgen. Maar dat valt nog niet
mee! Je moet flink hard knijpen en trekken, wil je ook maar
iets uit de speen krijgen. En dan is het nog een kunst om
het ook allemaal goed op te vangen! Het duurt even, maar na
een tijdje slaag ik erin een zwak straaltje in de kan te mikken.
Nadat
de koeien zich richting de graslanden begeven, keren ook wij
terug naar de boerderij voor ons ontbijt, bestaande uit (natuurlijk
wéér Afrikaanse) thee, brood en fruit. Vervolgens
verlaten we de grond van de familie, rijden voor enkele minuten
en bereiken dan de huizen van de buren. Uit het niets duiken
ze op: drie traditionele manyatta's bij elkaar. De hutjes
zijn duidelijk niet voor lange mensen gebouwd, want je moet
diep bukken om door te opening te gaan. Er staat echter geen
stok buiten de manyatta, een teken dat we naar kunnen. Het
eerste gedeelte wordt door doeken en een artistiek beschilderd
muurtje gescheiden van het achterste gedeelte. Zelf gevlochten
matten bedekken de grond en kalebassen staan netjes in een
hoek. Het wekt bijna de indruk dat alles speciaal voor ons
zo is neergezet. In één van de hutjes verschuilen
twee kinderen zich verlegen bij de opening. In het derde hutje
schudt een vrouw krachtig met een kalebas. Afhankelijk van
de temperatuur van de melk bij aanvang, dient er dertig tot
zestig minuten geschud te worden en dan kan de melk wel twee
dagen in de hut bewaard worden, zonder te bederven! Het hutje
is klein, benauwd en vol hinderlijke vliegen. Desalniettemin
is het erg indrukwekkend en bijna onvoorstelbaar dat deze
mensen hier nog zo leven. Wanneer we vragen waar het dagelijkse
voedsel van de Bahima-vrouw uit bestaat, krijgen we als antwoord:
melk. Alleen maar melk...
Eenmaal weer buiten blijken enkele
mannen (de bewoners?) zich bij ons gevoegd te hebben. Eén
is traditioneel gekleed met een blauwe doek om zijn schouders,
de ander heeft kleren aan uit de zak van max en draagt een
pet met "I love Uganda". Beide mannen blijken nogal
gecharmeerd te zijn van blanke vrouwen. De jongen met de pet
laat in zijn lokale taal weten dat hij van mij houdt en doet
me spontaan een huwelijksaanzoek. Ik vraag me af hoeveel koeien
ik waard ben...
Ik ben opgelucht als we weer naar
de auto teruglopen en ik aan de starende blikken kan ontsnappen.
We rijden terug naar de farm en maken halverwege een stop
voor een troep kraanvogels die verderop zitten. Tientallen
exemplaren van het nationale symbool van Oeganda zitten bij
elkaar. Het is een prachtig gezicht als ze massaal wegvliegen
en geluid maken dat nog het meest weg heeft van een huilende
baby.
Terug
op de farm is het tijd om mijn spullen te pakken en afscheid
te nemen van deze gastvrije mensen. We nemen nu een andere
panoramische route terug naar de bewoonde wereld en rijden
langs de rivier Kagera richting het oosten. Deze rivier vindt
zijn oorsprong in Rwanda en mondt uit in Lake Victoria, waardoor
het ook wel de tweede bron van de Nijl genoemd wordt. Bovendien
vormt het een natuurlijke grens tussen Oeganda-Rwanda en Oeganda-Tanzania.
Voor een poosje volgen we de bruine rivier, met Tanzania aan
onze rechterkant, op slechts een paar honderd meter. De dorpjes
die we passeren worden voornamelijk bewoond door vluchtelingen.
Op de marktjes liggen trossen matoke, stengels suikerriet
en zelf gevangen vis uit het Navikali Meer uitgestald. Na
wederom drie uur rijden bereiken we eindelijk de verharde
weg en zijn we terug in Mbarara. Het kost ons vervolgens nog
ruim vier uur om in Kampala te komen. Ik word netjes in Mukono
afgezet, waar Bas mij ophaalt en pas tegen 21.00 uur ben ik
terug op de farm. Een lange en vermoeiende trip, maar erg
indrukwekkend!"
Naar boven
Vrijdag, 16 juni 2006
Direct na het werk
rijden we met Hans naar Kampala om Oranje weer in actie te
zien. Ditmaal op het scherm in de tuin van de Nederlandse
ambassadrice. Er is voor de gelegenheid een partytent neergezet
met een groot scherm. Samen met een stuk of vijftig landgenoten
volgen we al zwetend en klagend de spannende wedstrijd. Maar
ze winnen en dat telt. Na afloop worden er Hollandse hapjes
geserveerd, waaronder bitterballen en erwtensoep.
Overigens wordt de WK-poule op de
farm elke dag keurig ingevuld en door iedereen nauwlettend
in de gaten gehouden. Momenteel staat de persoon die veruit
het meeste verstand heeft van voetbal bovenaan: Miranda! Maar
er zijn nog veel punten te verdelen in de komende weken...
Dinsdag, 20 juni 2006
Great
Lakes Safaris is verhuisd naar een nieuw kantoor! Weliswaar
in hetzelfde complex (voorheen zaten we in het bijgebouw,
nu het in het hoofdgebouw), maar de ruimte is minimaal vijf
keer zo groot! Gisteren hebben we het geringe meubilair verhuisd
en het kantoor, dat nu nog kaal aan doet, enigszins ingericht.
Er lijkt overigens geen einde te komen
aan het regenseizoen. Officieel zou deze maand het droge seizoen
beginnen, maar het is nu al bijna juli en het regent nog vrijwel
dagelijks. Ook de temperaturen overdag en 's avonds liggen
voor Oegandese begrippen laag. Blijkt maar weer dat ook hier
de seizoenen niet vast liggen!
Zaterdag, 24 juni 2006
Deze vrije dag brengen
we door in Kampala met inkopen doen, lunchen bij the Crocodile
en voor een auto rondkijken.Het aantal advertenties van expats
die hun auto kwijt willen is beperkt, dus zullen we toch weer
bij de Indische autohandelaren langs moeten gaan. Onze voorkeur
gaat uit naar een verkort model, waardoor we al snel weer
op een Pajero uitkomen. We gaan een tweetal bedrijven langs,
maar er staat niets bij waarvan we direct helemaal weg zijn.
De cheque van de verzekering zal echter nog wel een week of
twee op zich laten wachten, dus we hebben nog even de tijd.
Naar boven
Woensdag, 28 juni 2006
Zondag
waren we van plan om de omgeving weer eens te gaan verkennen,
maar dat bleef beperkt tot een wandeling met Mawa over de
farm. Aan het eind van de middag zijn we naar Kampala gegaan
om de Engeland - Ecuador samen met de Engelse supporters te
kijken. Mede dankzij de drukte, een koud biertje en een barbecue
hing er een gezellige sfeer in het sportcafé. De wedstrijd
Nederland - Portugal hebben we in verband met het late tijdstip
maar thuis gekeken. Achteraf ook maar goed...
Gisteravond
werden we opgeschrikt door het geluid van een... nijlpaard!
Hier in de tuin! Nou ja, bijna. Het geknor kwam uit de richting
van het moeras, een kleine kilometer hier vandaan. Het moest
in ieder geval van een groot dier zijn en het leek verdacht
veel op het geluid dat we 's avonds in het restaurant in Lake
Mburo NP hadden gehoord. Gezien de grootte van het moeras
en de nabijheid van Lake Vic is het overigens goed mogelijk
dat er nijlpaarden in deze omgeving zitten!
Vrijdag, 30 juni 2006
Nauwelijks
terug van het uitstapje naar Mbarara staat er al weer een
fam-trip op het programma. Samen met zo'n 16 collega's uit
de reisbranche gaat Miranda het weekend in Bwindi doorbrengen;
het gebied van de berggorilla's!
"Om
07.20 uur vertrekken we met een gevulde coaster vanuit Kampala.
De general manager van de touroperator die de trip organiseert,
Lake Kitandara, is aanwezig en daarnaast ken ik een aantal
mensen van de beurzen in Europa. Het is een ontzettend lange
rit naar Bwindi. Eerst vier uur naar Mbarara, waar we lunchen
in het toepasselijk genoemde
Lake View Hotel, al heeft het 'lake' meer de afmetingen van
een vijver. Via Bushenyi rijden we naar Rukungiri en hier
eindigt de verharde weg. Ruim drie uur lang volgen we een
murram road met een gemiddelde snelheid van 40 km/u. En hoewel
het aardig stof happen is, blijkt de route schitterend te
zijn! De weg slingert zich door groene bergen, langs een diepe
ravijn en daarna door landelijke dorpjes en langs vele bananenplantages.
Het feit dat er één mzungu in de bus zit, gaat
bij de kinderen langs de weg natuurlijk niet onopgemerkt voorbij.
Tegen 18.00 uur wordt het onrustig
want dit is het tijdstip dat er weer wordt gevoetbald! Het
voorstel gaat om in het volgende dorpje te stoppen en voetbal
te kijken, om daarna de rit te vervolgen. Het feit dat er
in deze omgeving helemaal geen elektriciteit is, doet verder
niets aan dit plan af. We hebben immers alles bij ons: tv,
schotel, DStv installatie, generator én een technicus!
Hoewel iedereen achter het voorstel staat, rijden we zonder
onderbrekingen door tot Bwindi, waar we tegen 19.00 uur arriveren.
Eenmaal in Lake Kitandara Camp krijgen we een welkomstdrankje
en -praatje over de accommodatie. Vervolgens gaan we doen
waar deze fam-trip voor bedoeld is: de accommodatie bekijken.
Het kamp bestaat uit 15 comfortabele tenten, geheel ingericht
met bedden en een badkamer. Zelfs aan elektriciteit en warm
water ontbreekt het niet; dit laatste wordt door een medewerker
persoonlijk gebracht. Het kamp is tegen een heuvel opgebouwd,
direct grenzend aan Bwindi Impenetrable Forest. Helemaal boven
is er één punt waar onze mobiele telefoons bereik
hebben, waardoor dit direct de meeste favoriete plek is van
het kamp. Na de rondleiding krijgt iedereen een tent toegewezen;
de mijne deel ik met Carol van Tourism Uganda (voorheen het
Uganda Tourism Board). Om 21.30 uur is het eindelijk tijd
om gezamenlijk aan tafel te gaan. Van het voetbal kijken komt
deze avond dus weinig terecht.
Naar boven |