Vrijdag,
2 september 2005
De
grote dag is aangebroken; de dag waarop we naar Oeganda verhuizen!
Omdat we pas in de avond vliegen,
vertrekken we rond 14.30 van huis. De ouders van Miranda brengen
ons weg naar Schiphol; van de familie van Bas nemen we thuis
al afscheid. De rit naar Amsterdam verloopt soepel en hoewel
we er wel op gerekend hadden, staan we nauwelijks in de file.
Om 16.00 uur arriveren we op Schiphol en niet veel later kunnen
we al inchecken. Over de 50 kg die we in totaal hebben (onze
zware handbagage niet meegeteld) wordt gelukkig niets gezegd,
dus we hoeven niets bij te betalen. Na een kleine maaltijd
in het Panoramarestaurant is het tijd om voor de laatste keer
afscheid te nemen en richting de gate te gaan.
Na een korte vlucht van nog geen
uur landen we op het vliegveld van Frankfurt. Met deze overstap
zijn we weinig tijd kwijt, want we kunnen vrijwel meteen boarden
voor onze aansluitende vlucht naar Dubai. De luchtvaartmaatschappij
Emirates is qua comfort te vergelijken met een Aziatische
maatschappij. Om 00.30 uur krijgen we nog eens een uitgebreide,
warme maaltijd geserveerd, dus van slapen komt weinig terecht.
Zaterdag,
3 september 2005
Tegen
06.30 uur lokale tijd (in Nederland 04.30 uur) landen we op
Dubai International Airport en worden we per bus naar de terminal
vervoerd. Gezien het feit dat onze volgende vlucht pas over
acht uur vertrekt, kunnen we mooi van deze stop profiteren
door Dubai City in te gaan. Het vliegveld verlaten gaat erg
eenvoudig; even wachten voor de paspoortcontrole en met een
(gratis) visum staan we in een mum van tijd buiten. Hier blijkt
tevens een kantoortje te zijn waar we onze overtollige bagage
tijdelijk kunnen achterlaten en waar we meteen kunnen pinnen.
We nemen bus 4 naar het 'City Center' en al snel maakt de
chauffeur ons duidelijk dat we op de gewenste bestemming zijn
aangekomen. Het City Center zou aan de overkant van de straat
zijn. Weten wij veel dat er ook een grote mall is, genaamd
"City Center"!
We zijn
dus veel te vroeg uitgestapt en na een tijdje langs de grote
weg gelopen te hebben, stappen we een luxe uitziend restaurantje
binnen, het enige we kunnen vinden. Genietend van een verkoelend
drankje en een behoorlijke airco, komen we even bij van de
drukkende hitte. Tot nu valt Dubai een beetje tegen; de temperatuur
is bijna ondraaglijk en het enige indrukwekkende dat we tot
nu toe gezien hebben, zijn de mannen in lange, witte jurken
en gesluierde vrouwen, waarbij het gezicht tot de ogen óf
volledig bedekt is. We wandelen nog een stukje verder, maar
al snel besluiten we een taxi aan te houden om de stad verder
al rijdend te bezichtigen. Natuurlijk willen we eerst naar

de befaamde Palm Jumeirah.
Een kunstmatig gevormd eiland voor de kust, bestaande uit
een stam van 4,5 kilometer, een kroon met 17 schiereilanden
en een sikkelvormig barrièrerif van zo'n 11 kilometer
lang. Op het eiland, ook wel "The Eight Wonder of the
World" genoemd, zullen onder andere luxe hotels en exclusieve
villa's, havens, themaparken, winkelcentra en talloze restaurants
worden gebouwd. Geschat wordt dat de bouw eind dit jaar of
begin 2006 beëindigd zal zijn.
We laten de drukke binnenstad achter
ons en volgen de snelweg naar het westen. Helaas valt er onderweg
weinig te zien; Dubai blijkt UNDER CONSTRUCTION te
zijn! Overal waar we kijken wordt gebouwd en om de haverklap
verrijst er een gigantische winkelcentrum. Groen is een kleur
die hier weinig te zien is, alles is droog en woestijnachtig.
Na zo'n drie kwartier rijden komen we op de plek aan waar
The Palm zou moeten zijn... Er is alleen níets te zien.
Ook wordt er nog druk gebouwd waardoor we niet bij de kustlijn
kunnen komen en dus niets van de stam noch de bladeren kunnen
ontdekken. Het is moeilijk voor te stellen dat dit kunstmatige
wereldwonder over een paar maanden klaar is.
Dan
maar naar één van de opmerkelijkste gebouwen
van Dubai: het Burj al-Arab Hotel. Het bouwwerk heeft de vorm
van een opbollend zeil van een dhow (Arabisch zeilschip) en
is het enige zevensterren hotel ter wereld. Met 321 meter
is dit tevens het hoogste hotel van de wereld. De "Toren
van Arabië" bevindt zich ín de Perzische
Golf en is via een smalle weg vanaf het vasteland bereikbaar.
Het ontwerp en de bouw waren zo prijzig dat het hotel pas
na 400 jaar rendabel zou zijn. De kamers variëren in
prijs van US $850 tot US $15.000 per nacht.
De kustlijn naar het oosten volgend,
passeren we lange zandstranden. Druk is het er echter niet,
het zal wel te heet zijn. Inmiddels krijgen we genoeg van
het drukke Dubai en vragen we de chauffeur ons op het vliegveld
af te zetten. Met onze overige handbagage lopen we naar de
gate. We stappen in hetzelfde type vliegtuig als op het eerste
stuk, maar nu is het aantal Afrikanen dat met ons meereist
aanzienlijk groter. De meeste stappen echter al in Nairobi
uit, waar we nog een korte stop hebben.
Naar boven
Zondag, 4 september
2005
Eindelijk
in Oeganda! Na een lange reis zijn we veilig 'thuis' gekomen,
samen met onze koffers. Onze dozen die afgelopen donderdag
al zouden vertrekken, komen waarschijnlijk morgen pas. Zondag
slapen we lekker uit en de middag brengen we in Kampala door.
We lunchen in het "Garden City Center": een modern
winkelcentrum met alle denkbare luxe: (kleding)winkels, restaurants,
kapsalon, bioscoop, fitness en een megasupermarkt waar alles
verkrijgbaar is, van pindakaas en Heinz ketchup tot grasmaaiers
en matrassen. Fruit en groente kopen we echter op een lokaal
marktje in Mukono.
Aan het eind
van de middag brengen we onze boodschappen naar huis en rijden
we terug naar Mukono om hier een hapje te eten. We vinden
slechts één restaurant - veel keus hebben we
dus niet, wat overigens ook voor de menukaart geldt. Het is
vrij donker binnen en net nadat we onze bestelling doorgegeven
hebben, valt de stroom uit. Nu zien we helemaal niets meer...
Na enige tijd komen de kaarsjes echter tevoorschijn en hebben
we zelfs meer licht dan voorheen. Gelukkig kunnen ze hier
in Oeganda ook zonder stroom koken, want onze maaltijden verschijnen
nog redelijk snel (ná elkaar weliswaar).
Woensdag, 7 september
2005
Inmiddels
is er al een halve week voorbij en de dagen verlopen rustig.
's Morgens wordt het ontbijt klaargemaakt; een omelet of gewoon
een boterham met pindakaas. Bas komt tijdens zijn lunchpauze
thuis eten en gaat dan weer naar kantoor om tot een uur of
vijf te werken. Miranda brengt de ochtend en middag door achter
de computer - wat zouden we zonder internet moeten?! - of
in de tuin. Het uitzicht vanaf de veranda verveelt geen seconde.
Kippen die ongestoord in onze tuin scharrelen, tropische bloemen,
bomen die vol vruchten hangen en kleurrijke vogels die af
en aan vliegen. Het is onvoorstelbaar hoeveel je van deze
kleurrijke diertjes ziet (en hoort!). Wat een leventje, hè?!
In onze afwezigheid is de keuken opgeknapt
en geschilderd. De woonkamer zal volgende week een ander kleurtje
krijgen. Ook zullen er nieuwe gordijnen komen en het huidige
meubilair zal in de loop van de tijd vervangen worden door
zelf gekochte meubels. In Kampala is een heuse 'woonboulevard',
waar de meubels letterlijk langs de weg uitgestald staan,
van kastjes en tafels tot banken en bedden.
Maandagmiddag
is Miranda een kijkje gaan nemen bij de baby day care, waar
elf van die hummeltjes rondkruipen, niet ouder dan een jaar
(of anderhalf). In deze crèche worden de kinderen van
de vrouwen die in dienst zijn van Van Zanten opgevangen en
verzorgd tot hun moeders ze weer komen halen. Een erg goed
initiatief!
Naar boven
Vrijdag, 9 september
2005
Dat
het klimaat hier erg veranderlijk is, blijkt maar weer eens
door de afgelopen dagen. De temperatuur blijft vrijwel constant,
tussen de 25 en 27 graden. Maar of er regen of zon komt, is
moeilijk te voorspellen. Tot nu toe is hier elke dag wel een
tropisch buitje gevallen, wat de groene kleur van de omgeving
in stand houdt. Gisteren heeft het echter vrijwel de hele
dag geregend, terwijl vandaag de zon weer volop schijnt.
Omdat Miranda ook graag zo snel mogelijk
aan het werk wil, zijn we gisteren bij HabariTravel langs
gegaan. Het eerste (sollicitatie)gesprek! Hoewel er van beide
kanten interesse is, hebben we nog niets concreets afgesproken.
Wel is het duidelijk dat de afstand van de farm naar Entebbe
behoorlijk groot is, niet zozeer qua aantal kilometers (circa
70 km) maar vooral de tijd die je ermee kwijt bent (1,5 tot
2 uur). Tijdens de rit is het ons nog een keer duidelijk geworden
dat Oegandezen totaal niet kunnen rijden! Zeker in het donker
zijn ze een gevaar op de weg. Auto's die inhalen wanneer het
hen uitkomt, 50 km per uur rijden op de 'snelweg' van Kampala,
midden op de weg stilstaan zonder enig (rem)licht of matatu's
(de lokale taxibusjes) die je links voorbij komen - het is
hier allemaal doodnormaal! En tijdens een file wordt er van
een tweebaansweg moeiteloos een vierbaansweg gecreëerd.
Ook vandaag zullen we de rit naar
Entebbe nogmaals maken, dit keer om onze vriend Niels op te
halen. Na een spannende gorilla tracking zal hij het weekend
bij ons doorbrengen en maandag weer terugvliegen naar Ethiopië.
Dit keer heeft Miranda het eerste stuk gereden; haar eerste
ervaring met het Oegandese verkeer! Van Mukono tot bijna in
Kampala blijft ze echter achter een vrachtwagen zitten die
niet in te halen is, waarbij die vervelende matatu's natuurlijk
wel continue voorschoten!
Zaterdag, 10
september 2005
Dit
weekend heeft Doreen, onze kokkin, vrij dus maken we zelf
onze maaltijden klaar. Na het ontbijt rijden we richting Jinja,
the source of the Nile. De lokale politie veroorzaakt een
klein oponthoud onderweg door Bas aan te houden voor het inhalen
over een doorgetrokken streep. Dat het voertuig dat ingehaald
werd een vrachtwagen was die met 10 km/u de berg opreed, doet
blijkbaar niet ter zake. Na een sociaal praatje besluit de
dienstdoende agent dat er een bon uitgeschreven moet worden.
We krijgen het idee dat ze hiermee niet veel ervaring hebben,
aangezien het er een beetje amateuristisch aan toe gaat. Bas
krijgt uiteindelijk een formulier mét twee kopieën
(voor als je er één kwijtraakt??) met een boete
van 40.000 Ush (circa € 18,-). Op welke manier dit bedrag
betaald dient te worden, blijft echter een raadsel.
We zetten de rit voort en in Jinja
gaan we eerst op zoek naar een bank om geld te wisselen. We
hebben geluk: vandaag blijkt de Wielerronde van Jinja te zijn.
Twee koplopers worden op de voet gevolgd door het peloton,
bestaande uit twee Oegandezen, en een mzungu (blanke) die
zich ook aan de wedstrijd heeft gewaagd, sluit de tour. Achter
de wielrenners rijden schreeuwende mannen op brommertjes,
qua aantal het tienvoudige van de renners zelf. Ondanks de
grootte van de Tour van Jinja is het druk langs de kant van
de weg en worden de fietsers enthousiast aangemoedigd.
We rijden door naar de échte
Source of the Nile. Het water begint hier aan zijn reis van
ruim 6.500 kilometer door Oeganda, Sudan en Egypte, om drie
maanden later de Middellandse Zee te bereiken. De Nijl zit
hier vol met krokodillen, vissen (Tilapia en Nijlbaars) die
een welkome prooi vormen voor de honderden ooievaars, aalscholvers,
ibissen, slangenhalsvogels, zilverreigers en visarenden. Nijlpaarden
zijn er helaas niet meer, sinds het Tanzaniaanse leger hen
als hoofdmaaltijd gebruikte ze bezig waren het dictatoriale
regime van Amin te verdrijven. Tijdens onze lunch zijn we
getuigen van een pasgetrouwd, Indisch stel die op deze prachtige
plek hun trouwfoto's komen maken.

Vervolgens zetten we koers naar de Bujagali Falls, gelegen
op 8 km ten noorden van Jinja. Het is hier echt schitterend:
de kolkende watermassa - en dit is nog maar rapid 4! - talloze
watervogels, grote adelaars en slechts een handjevol toeristen.
Een dappere kanoër probeert het ruwe water te bedwingen,
wat hem nog vrij aardig lukt. Het is niet voor te stellen
dat de regering van Oeganda een extra dam wil bouwen, waardoor
deze watervallen geheel zullen verdwijnen, tezamen met één
van de beste raftplekken ter wereld. De dam moet Oeganda en
haar buurlanden van hydro-elektrische stroom voorzien. Niet
alleen zal de toekomstige Bujagali Dam veel schade aan de
natuur aanrichten, maar zullen ook de lokale inwoners hun
huis en/of bouwland verliezen. (lees
meer...) Voor 10.000 Ush maken we een boottochtje over
de Nijl, inclusief een kort bezoek aan één van
de eilandjes. De lucht begint er al dreigend donker uit te
zien en het is duidelijk dat een flinke (onweers- en) regenbui
niet lang op zich zal laten wachten. Er wordt vaart achter
de boottocht gezet en de wandeling over het eiland doen we
in een recordtempo. Helemaal droog houden we het niet, maar
vóór de echte bui losbreekt, staan we gelukkig
onder het grote, rieten dak van het restaurant. We wachten
geduldig af, tot we er genoeg van krijgen en ons door de modderpoel
naar de auto haasten.
We nemen een toeristische route terug
naar Mukono. Bij het dorpje Nazigo verlaten we de verharde
weg en rijden we naar de prachtige plek aan de Nijl. Geen
toerist die deze plaats weet te vinden! Onderweg slaan we
nog wat fruit in bij een kraampje langs de weg en eenmaal
terug in Mukono gaan we eten bij het Colline Hotel. Het eten
is erg goed én goedkoop: een hele Tilapia, inclusief
tandjes en ogen, kost slechts 6500 Ush (circa € 3,).
Naar boven
Zondag, 11 september
2005
Vandaag
brengen we een bezoekje aan Mabira Forest. Het ligt op de
weg naar Jinja, zo'n 45 minuten rijden vanaf de farm. We lopen
de langste route, een wandeling van ongeveer drie uur. Al
snel zien we de boomtoppen bewegen: apen! Precies waar we
voor gekomen zijn. Hoog boven ons beweegt zich een groep Mangabeys
voort, af en toe stoppend om te eten. Het tropische bos is
bovendien een paradijs voor vogelliefhebbers. Vooral de hornbills
maken veel kabaal. Een grote vogel die we even later vlakbij
in een boom spotten, is de Great Blue Turaco. De twee vogels,
zo groot als een pauw, zitten als twee Oegandese tortelduifjes
naast elkaar. Behalve talloze gekleurde vlinders en vele mieren
de ons pad doorkruisen, zien we tijdens de rest van de wandeling
niets spectaculairs meer. Hoewel het bos prachtig is, met
reusachtige bomen en stromende beekjes, valt het wildlife
een beetje tegen. Het laatste deel van de route voert door
het dorpje Najjembe Village, waar we belangstellend nagekeken
worden. Kleine kindjes staan enthousiast langs de weg in hun
handjes te klappen en "Mzungu" of "Bye bye"
te roepen. Ook de filmcamera trekt de aandacht en vol verbazing
kijkt een jongetje door het LCD-schermpje naar zijn vriendje
dat aan de andere kant van de camera staat.
Na een verfrissend drankje rijden
we terug naar Mukono en wat later door naar Kampala. Voor
een zondag is het erg druk; we staan een tijd lang helemaal
vast. We doen inkopen in de supermarkt van Garden City Center,
eten in een Mexicaans restaurant en zetten Niels uiteindelijk
af bij het Backpackers Hostel. Ondanks dat we nu al regelmatig
in het donker gereden hebben, blijft het spannend! Gaten in
de weg ontwijken valt niet mee en ook de lokale bevolking
is nauwelijks te zien. In feite zie je alleen wat kleding
in beweging, en met geluk een paar reflecterende schoenen.
We passeren een vrachtwagen waar een matatu-busje achterop
is gereden. De vrachtwagen steekt dóór de voorruit
van het busje en eindigt ergens ver achter de stoel - of wat
daar nog van over is - van de bestuurder. Van de chauffeur
zelf zal dus ook wel niet veel meer over zijn...
Maandag, 12
september 2005
Van
uitslapen komt vandaag niet veel terecht want er gaat geschilderd
worden! De planning was eigenlijk om hier woensdag mee te
beginnen, maar soms gaan dingen nog verrassend snel in Afrika.
Zo ook de schilder, blijkt. Het lukt hem om de hele woonkamer
slechts in één dag te verven. Wat een ander
kleurtje al niet met een kamer kan doen! Morgen nog een tweede
laag en dan kunnen we nieuwe meubels gaan kopen. Als het goed
is, komen morgen ook onze dozen op de farm aan.
Donderdag, 15
september 2005
De
woonkamer is geschilderd en ook de dozen zijn op de farm gearriveerd.
Nu is het echter nog wachten op de douane om de inhoud ervan
te controleren. Gisteravond hebben we een etentje in Kampala
gehad. Samen met Coen, de eigenaar van Matoke Tours, een vriendin
en zijn vader hebben we in Le Chateau gegeten. Een Belgisch
restaurant waar je, schijnbaar, in het juiste seizoen zelfs
mosselen kunt bestellen (en Duvel kunt drinken)! We hebben
dan ook nog nooit zoveel blanken bij elkaar gezien in Kampala.
Hoewel het een erg gezellige avond was, heeft het qua werk
niets opgeleverd voor Miranda, althans niet op korte termijn.
Vandaag dus maar weer een paar mailtjes
versturen en bellen naar enkele reisorganisaties. Al met al
gaat het het zoeken naar een baan duidelijk niet zo snel als
in Nederland - en als ze zou willen!
Naar boven
Vrijdag, 16
september 2005
Dat
de dozen nu eindelijk op de farm staan én de douane
langs is geweest voor inspectie, wil niet zeggen dat we nu
ook kunnen beginnen met uitpakken. Formulieren moeten ondertekend
worden en andere bureaucratische activiteiten dienen afgerond
te worden. En aangezien dit niet meer voor het weekend lukt,
krijgen we de dozen pas op z'n vroegst maandag in huis! Je
geduld wordt hier soms wel érg op de proef gesteld...
Zaterdag, 17
september 2005
Inmiddels heeft
Miranda voor het eerst jackfruit geproefd, de ovaalvormige
vruchten die in onze tuin groeien. De jackfruit is de grootste
van de vruchten die aan een boom groeien en kan maar liefst
90 cm lang worden en 40 kilo wegen. Slechts een klein gedeelte
is eetbaar. In dit geval was het grootste deel van de vrucht
al rot en werd het aan de kippen gevoerd. Het stukje vruchtvlees
dat Miranda kon eten, had een aparte smaak. Een beetje zoet,
maar niet echt lekker. Uiteindelijk is het overige gedeelte
dus ook naar de kippen gegaan.
Dit weekend heeft Bas dienst, dus
uitstapjes in de omgeving moeten nog even uitgesteld worden.
Rond 17.00 uur zien we echter wel kans om naar Kampala te
rijden, naar één van de grote autodealers. Er
staan hier honderden auto's uitgestald, van kleine personenauto's
tot grote jeeps. Wij zoeken iets wat er een beetje tussenin
zit. Een Mitsubishi Pajero, Toyota Rav of een Suzuki Vitara...
Er staat een heel mooie Pajero tussen, verkort model, uit
1993. Vrijwel alle auto's die hier staan, zijn minstens tien
jaar oud. Het belangrijkste is dat ze nog nieuw voor Oeganda
zijn en bovendien is het zonde om hier in een splinternieuwe
auto te rijden. Wanneer we een goede indruk van het aanbod
hebben gekregen, rijden we door naar de woonboulevard aan
Ggaba Road om een bureau en kastjes te kopen. We kunnen het
echter niet eens worden over de prijs en met lege handen keren
we weer terug.
Over het verkeer
raak je eigenlijk niet uitgepraat; het autorijden hier is
echt een vak apart. Niet zozeer het links rijden, daar ben
je in een mum van tijd aan gewend, maar het is vooral de manier
wáárop. Eenvoudigweg komt het erop neer dat
je alles wat je in Nederland hebt geleerd, moet vergeten.
Inmiddels is Miranda ook een paar keer naar Kampala gereden
en nu hebben we het aardig onder de knie. Hierbij een overzicht
van de Tien Gouden Regels in het Oegandese Verkeer:
1. Rijd zo
hard als u wilt (of kunt).
2. Neem ten allen tijde voorrang.
3. Rijd zo dicht mogelijk achter
uw voorganger, 't liefst zo'n 5 cm erachter, zodat niemand
ertussen kan schieten.
4. Indien u rechts niet kunt
inhalen, ga er dan via de berm aan de linkerkant langs.
5. Twijfelt u of u rechts kunt
inhalen, haal dan zeker in, een eventuele tegenligger zal
zijn best doen om u te ontwijken.
6. Gebruik uw rechterknipperlicht
veelvuldig! Niet alleen voor inhalen en rechts afslaan, maar
ook om te laten
weten dat het veilig is om in te halen, als u een bocht naar
rechts maakt, of om de auto achter u in de
war te brengen.
7. Géén middellijn
op de weg betekent: deze weg mag gebruikt worden als een twee-,
drie- of vierbaansweg -
net zoals het u uitkomt.
8. Wanneer u in het donker rijdt,
is het voldoende als uw remlichten werken. Indien uw overige
verlichting het
eveneens doet, is dit een (overbodige) luxe.
9. Indien u licht heeft: ontsteek
uw lichten alleen als u uw tegenliggers ermee wilt verblinden.
10. Rem niet voor voetgangers;
het is hun eigen verantwoordelijkheid om u te ontwijken.
Het enige waarmee wij ons nog onderscheiden van de lokale
bevolking, is het feit dat wij nog enigszins ons best doen
om de gaten in de weg te omzeilen.

Naar boven
Zondag, 18 september 2005
Vandaag is het
bijzonder mooi weer. Geen wolkje te zien aan de helderblauwe
hemel. Aangezien we toch niet weg kunnen, is het een mooie
dag om een wandeling over de farm te maken. Het hekwerk volgend
doen we er al gauw een dik uur over. Om aan het eind van de
dag erachter te komen dat we enorm verbrand zijn! Maar het
is de moeite waard. Het pad loopt om de kassen heen, door
een heuvelachtig gebied. Veel hamerkopvogels laten zich zien,
met name bij de meertjes met tilapia. De apen die aan de andere
kant van het hekwerk zitten, houden zich echter stil. Het
is ten slotte zondag...
's Middags besluiten we toch even
de farm te verlaten en naar Mukono te gaan. We hebben nog
verschillende dingen voor ons huis nodig en in dit plaatsje
staat het een en ander langs de weg. Hoewel we een paar leuke
hebbedingetjes weten te kopen (nachtkastjes, mandjes, etc.),
krijgen we vandaag meteen een wijze les mee! We willen graag
een mat kopen en onderhandelen met een meisje, dat gebrekkig
Engels spreekt, over de prijs. "Three ten thousand,"
zegt ze resoluut. Wij willen er echter niet meer dan Ush 20.000
(circa € 9) voor geven. Twee voorbijgangers spreken beter
Engels en schieten ons te hulp. Het is onduidelijk wat ze
tegen het verkoopstertje zeggen om haar over te halen, maar
uiteindelijk gaat ze akkoord met Ush 20.000. Wonderlijk genoeg
kunnen de twee jongens ons briefje van Ush 50.000 ook nog
wisselen, zodat we het meisje gepast kunnen betalen. Wanneer
we later bij een ander kraampje voor onze rieten manden willen
betalen, weigert de verkoopster ons briefje van Ush 20.000.
Het is vals geld! En inderdaad, wanneer we het briefje eens
goed bekijken, zien we dat het niet meer dan een kleurenkopie
is. Bij nader inzien is het nog nepper dan monopoliegeld!
Op het moment van wisselen hebben we er echter totaal niet
opgelet en zonder nadenken aangenomen. Een goede les voor
de volgende keer!
Maandag, 19 september 2005
Vandaag weer op
autojacht! De dozen laten nog even op zich wachten, dus Bas
neemt de hele middag vrij. We gaan eerst in Kampala een rekening
openen bij één van de grotere banken en vervolgens
rijden we terug naar de autodealers. Het lijkt ontzettend
druk, met name bij Cheema waar we zaterdag zijn geweest. We
nemen eerst een kijkje bij de concurrent. Ook zij hebben ruim
voldoende Pajero's, Rav's en Suzuki's in de aanbieding, maar
geen één overtreft de auto van zaterdag. Weer
terug naar Cheema dus. We worden direct herkend - als twee
Mzungu's doe je er niets aan dat je opvalt! - en zonder vragen
leidt de verkoper ons naar de auto die wij op het oog hebben.
Om niet overhaast tot koop over te gaan, kijken we nog verder
rond. Tijdens onze zoektocht worden we vergezeld door een
stuk of vijftien werknemers van de autodealer, zowel Oegandezen
als Indiërs. Na een kort overleg besluiten we voor deze
Pajero 2800 te gaan. We worden meegenomen naar een klein kantoortje
voor de échte onderhandelingen. Hier zit de grote baas,
met zijn rekenmachine in de aanslag, al klaar.
Ver komen we echter niet; het verschil
tussen de vraagprijs en het door ons geboden bedrag blijft
te groot. We gaan weer terug naar de eerste Pajero en keuren
deze uitvoerig. Na tientallen beloftes en garanties loodsen
ze ons opnieuw naar het kantoortje voor de onderhandelingen.
De baas had tijdens het vorige gesprek al een prijs voor de
Pajero genoemd en daardoor weten we zeker dat we het ditmaal
wel eens zullen worden. Er komen echter ook andere dingen
bij kijken, zoals de verzekering, vooruitbetaling en levering.
De mannen proberen ons zoveel te laten geloven dat we besluiten
ons niets wijs te laten maken en morgen met de financial manager
van Van Zanten terug te komen. Zonder ook maar iets te betalen,
vertrekken we, de mannen met hun gladde praatjes en trucjes
gefrustreerd achterlatend.
We rijden snel door
naar de woonboulevard - voor zover je 'snel' kunt zijn in
Kampala - zodat we nog net met de schemering een bureautje
en een paar kasten kunnen kopen. Ditmaal zijn we het snel
eens over de prijs en wordt er zelfs op ons verzoek nog een
achterwand voor één van de kasten gemaak. Door
de vakkundige timmerlieden wordt dat, ook in het donker, snel
en netjes gedaan. Met wat puzzelen krijgen we uiteindelijk
alle meubels in de auto gepropt.
Naar boven
Dinsdag, 20 september 2005
Een auto kopen valt
nog niet mee! Aan het eind van de middag rijden we terug naar
Cheema, samen met de financial manager, in de veronderstelling
dat het nu slechts een kwestie is van onderhandelen en afspraken
maken over de betaling. Zo gepiept dus. Bij Cheema worden
we wederom hartelijk verwelkomd en direct richting de auto
geleid... die er niet meer staat! De auto die wij hadden willen
kopen, is verdwenen... Niet verkocht, maar schijnbaar is de
automatische versnellingsbak (die gisteren al niet helemaal
soepel liep) toch niet goed. We kunnen beter een andere auto
uitzoeken. Teleurgesteld kijken we naar een paar andere Pajero's,
maar natuurlijk is er geen één zo mooi en compleet
als de eerste. Wanneer we op het punt staan te vertrekken,
haalt een andere Indiër ons over bij zíjn auto's
te komen kijken. We worden voorgesteld aan een zelfde type
Pajero. Ook deze tipt niet aan de eerste, maar verder zijn
ze eigenlijk allemaal hetzelfde. Na alles weer uitvoerig nagekeken
en uitgeprobeerd te hebben, wordt het tijd om over de prijs
te praten. Tot een deal komt het (nog) niet, dankzij een verschil
van een half miljoen. Maar wellicht is dit met een paar nachtjes
slapen te overbruggen...
Donderdag, 22 september 2005
De dozen zijn er
nog steeds niet. Mañana, mañana!
Vandaag is het erg mooi weer en na
de lunch is het tijd voor Miranda om eens alleen een stukje
te gaan rijden. Naar de markt en terug. Alvast een voorproefje
voor morgen, wanneer ze een afspraak heeft in Kampala. Hoewel
zij er nog zo'n twintig minuten over doet (Bas vijftien minuten),
gaat het rijden beter en de gaten ontwijken steeds soepeler.
De markt in Mukono is 24 uur per dag geopend, zeven dagen
in de week, met altijd vers fruit en groente uit eigen tuin.
Het is de bedoeling om niet alles bij één kraampje
te kopen, maar je benodigdheden bij verschillende stalletjes
te halen. Bij de eerste koop je tomaten, bij de tweede papaya
en verderop een ananas of meloen. En natuurlijk valt er altijd
wel over de prijs te onderhandelen.
Vrijdag, 23 september 2005
Een gewone werkdag
voor Bas terwijl Miranda een afspraak in Kampala heeft met
de eigenaar van Great Lakes Safaris. De rit naar Kampala verloopt
vlot; zoveel mogelijk potholes ontwijken en verder rijden
alsof er geen verkeersregels zijn. Gelukkig is de grootste
drukte inmiddels voorbij, al is aan een korte file nooit te
ontkomen. Het (sollicitatie)gesprek zelf loopt eveneens soepel
en na afloop mag Miranda concluderen dat het haar een baan
heeft opgeleverd. Weliswaar (voorlopig) parttime en het contract
moet nog ondertekend worden, maar ze kan beginnen zodra ze
een auto heeft!
Naar boven
Zaterdag, 24 september 2005
We hebben vandaag
twee 'grote' aankopen gedaan. Het eerste is letterlijk erg
groot, ook qua prijs, de tweede is piepklein en gratis!
Na het ontbijt rijden we richting
Kampala om eerst een stop te maken bij de Indische autodealer.
We nemen weer een kijkje bij de laatste Pajero van dinsdag,
een 2400 Intercooler Turbo uit 1992, die er tot onze opluchting
nog staat. Ook de verkoper is er na een telefoontje snel bij.
De auto wordt wederom uitgebreid geïnspecteerd en vervolgens
worden we het verrassend snel eens over de prijs: we mogen
'm meenemen voor ons eerste (en enige) bod! De formaliteiten
op het kantoortje stellen niet veel voor; we betalen een kleine
borg, als reserveringskosten, en zullen volgende week ruim
de helft aanbetalen. De auto rijklaar maken zal zo'n vier
of vijf werkdagen in beslag nemen. Als alles goed is, zullen
we dus over een kleine twee weken in de Pajero kunnen rijden.
Maar in Afrika weet je het nooit...
Na de aankoop van de auto, gaan we
lunchen in Garden City Center en maken we een kleine stadstour
door de hoofdstad. Kampala ligt verspreid over zeven heuvels.
De naam is afgeleid van de Kigandese woorden Kasozi K'empala,
wat "de heuvels van de antilopen" betekent. Door
het compacte centrum heeft Kampala meer de charme van een
groot dorp dan van een Oost-Afrikaanse metropool. De stad
is bovendien overzichtelijk ingedeeld in verschillende wijken,
die allen goed aangegeven staan.
In de wijk Bunga brengen we een bezoek
aan een 'foster home' van de stichting USPCA (Uganda Society
for the Protection & Care of Animals). Deze organisatie
ontfermt zich over verstoten en mishandelde dieren en tracht
een goed tehuis voor hen te vinden. We worden verwelkomd door
een tiental speelse honden en een zeer vriendelijke, Belgische
vrouw. Zij is al enige tijd een vaste foster parent van USPCA
en zorgt voor de pups en jonge honden tot een lief baasje
hen komt ophalen. Toevallig heeft ze net vier pups voor haar
poort gevonden, waarschijnlijk neergelegd in de wetenschap
dat deze vrouw ze wel zou opvangen. Hoe oud ze precies zijn,
van welk ras of hoe groot ze uiteindelijk zullen worden, is
niet duidelijk, maar dat ze schattig zijn staat vast! De beslissing
wordt dan ook min of meer voor ons gemaakt; zo'n zacht en
onschuldig hondenkoppie is niet te weerstaan... We spreken
af dat we de pup morgen op zullen halen, zodat we in de tussentijd
zijn komst kunnen voorbereiden. De uitverkorene is een teefje
met een zwarte snoet en een donkere streep over de rug. Naar
schatting is ze niet ouder dan een week of twee, drie.
De rest van de middag spenderen we
aan een wandeling over de woonboulevard, waar we twee rieten
salontafeltjes kopen, en boodschappen doen bij de megasupermarkt
Shoprite en The Game: een Gamma, Fixet, Ikea, Free-Recordshop,
Expert, Blokker en Edah in één!
Zondag, 25 september 2005
Wederom een vrije
dag, die we willen doorbrengen óp en rond de evenaar.
Oeganda is één van de veertien landen die doorsneden
wordt door deze denkbeeldige lijn. De rit van circa twee uur
voert ons door een prachtig groen heuvellandschap, over het
platteland en door kleine dorpjes. Eén van die kleine
plaatsjes is Mpigi, dat bekend staat om het vervaardigen van
de Royal Drums. De wens om de evenaar te passeren, lijkt eveneens
met een verandering in klimaat gepaard te gaan. We verlaten
de farm met een stralende zon en strakblauwe lucht, om circa
75 km verder in een zware storm terecht te komen. En wanneer
we aan het eind van de dag terug komen in de omgeving van
Mukono, is hier geen spoor van regen te bekennen.
De plek zelf waar de evenaar Oeganda
doorkruist, stelt niet veel voor. Tussen de twee bogen loopt
een grote weg
en
verder zijn er enkele souvenirkraampjes en een restaurantje.
Af en toe stoppen er een paar toeristen, maar het blijft erg
rustig. We wandelen langs de winkeltjes en kopen een bal gemaakt
van bananenbladeren - een speeltje voor de hond. Al zal de
bal de eerste weken nog net zo groot zijn als zijzelf! Natuurlijk
staan er ook bakken met water om het experiment op de evenaar
te tonen. Bij de bak ten noorden van de evenaar stroomt het
water met de klok mee weg, terwijl het op het zuidelijk halfrond
tegen de klok in stroomt. En óp de evenaar... is er
geen draaikolk; het water stroom recht naar beneden! Naast
het experiment met het water bestaat er ook nog een proef
met een spijker en een ei. Precies op de evenaar is het mogelijk
om een ei op de kop van een spijker te laten balanceren, aangezien
de zwaartekracht hier lager is dan elders. Het bewijs wordt
ons echter niet geleverd, het is hier in Oeganda nog nooit
gelukt! Een ander interessant weetje is dat men op de evenaar
3 kg minder weegt dan op een andere plek.
Na de lunch rijden we terug richting
Kampala en iets voorbij Mpigi verlaten we de grote weg om
Mpanga Forest in te rijden. Mpanga is net zoals Mabira een
prachtig tropisch bos, met een grote keus aan wandelpaden.
We worden geadviseerd het grote pad te nemen, aangezien de
overige routes door de regen in modderpaden zijn veranderd.
Overal om ons heen horen we geluiden van hornbills en andere
vogels. Af en toe klinkt er een luid geritsel boven ons hoofd,
de Red-tailed monkey die zijn weg zoekt door de bomen! Eén
keer hebben we er erg goed zicht op en we zien dat het aapje
zijn naam eer aan doet.
Na een wandeling van een kleine twee
uur zijn we weer terug bij de auto en rijden we naar Kampala.
Tijd om ons nieuwe vriendje op te halen! We hebben besloten
haar de naam te geven die Bas al een poos geleden verzonnen
had: Mawa, naar het dorpje waar de farm van Van Zanten ligt.
Mawa scheiden van haar zusje en broertjes is natuurlijk niet
leuk en met veel gejank wordt er afscheid genomen. Op de weg
naar huis maakt ze zielige geluidjes en het is duidelijk dat
ze bang is. Eenmaal thuis zetten we haar in een krat waarin
ze al snel in slaap valt. Ervan overtuigd dat ze er nog niet
uit kan, althans niet zal proberen, gaan we snel een hapje
eten in het Colline Hotel. Maar wanneer we na een uurtje weer
terugkomen, heeft ze tot onze verrassing toch haar krat verlaten
en heeft ze beslag gelegd op Bas z'n werkschoenen. Ook Mawa
krijgt te eten - de verhuizing heeft gelukkig geen invloed
gehad op haar eetlust - en met haar buikje vol gaat ze weer
slapen. Helaas niet voor lang, want deze nacht wordt ze om
de paar uur wakker en zet ze het op een schreeuwen. Van slapen
komt dus weinig terecht...
Naar boven
Dinsdag, 27 september 2005
Eindelijk. Het moment
waar we zó lang op gewacht hebben, is aangebroken.
De dozen worden vandaag door de douane vrijgegeven!! Enkele
medewerkers van het bedrijf vragen Bas vriendelijk of zij
de dozen - het liefst met inhoud - mogen hebben. Daar zouden
ze erg gelukkig mee zijn. Nou, reken maar dat wij er ook gelukkig
mee zijn! De dozen hebben niets geleden en alles zit er nog
in. Met af en toe grote verbazing, pakken we ze uit. We waren
alweer vergeten wat we hadden meegenomen! De schitterende
collage van onze vrienden krijgt natuurlijk een mooi plekje
midden in de woonkamer, zodat we elke dag aan ze herinnerd
worden!
Donderdag, 29 september 2005
Met Mawa gaat het
steeds beter! Deden we de eerste nacht geen oog dicht, nu
is ze muisstil en slaapt ze de hele nacht door. Geregeld vragen
we ons zelfs af of ze nog wel zou ademhalen... Maar de volgende
morgen blijkt ze weer even vrolijk op de veranda rond te rennen
en aan je tenen te knabbelen.
Vandaag heeft
Miranda een ontmoeting met een dierenarts in Kampala. Op suggestie
van de vrouw hebben ze afgesproken in een fast-food restaurant
in het centrum. Wel even wat anders dan een afspraak met de
dierenarts in Nederland! Van de Nederlandse dierenarts hadden
we al begrepen dat Mawa zeker vier weken oud moest zijn, in
plaats van twee à drie weken zoals ons verteld was.
Ook deze dierenarts komt, na het zien van de foto's, tot dezelfde
conclusie. Dit betekent dat het hondje over twee weken al
de eerste inentingen mag hebben en we maken meteen een afspraak.
Ditmaal niet in het restaurant, maar een huisbezoek op de
farm zelf!
Naar boven
|