Donderdag,
1 december 2005
Vandaag is het Wereld Aids Dag. Een
dag die niet ongemerkt voorbij gaat in Oeganda. Op het eerste
gezicht zou je zeggen dat er veel positieve aandacht voor
is en dat het de goede kant op gaat. Zeker als je bedenkt
dat in de jaren '90 nog 18% van de bevolking besmet was met
HIV/AIDS en dit inmiddels teruggebracht is naar 6%. Het is
echter interessant om de nieuwsberichten van vandaag in Oeganda
met die van Nederland te vergelijken: twee totaal verschillende
versies. Zijn de regering en betrokken organisaties in Oeganda
zeer optimistisch gestemd over de manier waarop aids bestreden
wordt - in Nederland (en heel de EU) maakt men zich juist
ernstige zorgen! De miljoenen dollars die de VS beschikbaar
stelt om aids te bestijden, gaan namelijk gepaard met de voorwaarde
dat het land zich richt op seksuele onthouding, in plaats
van het promoten van gebruik van condooms. Gevolg is dat de
spreiding van condooms enorm is afgenomen afgelopen jaar.
In de afgelopen tien maanden zijn er 32 miljoen condooms onder
de bevolking verspreid, terwijl er zo'n 150 miljoen nodig
zijn op jaarbasis... Ook de prijs is in korte tijd met maar
liefst 300% gestegen. De huidige president van Oeganda ontkent
echter het hele probleem; volgens hem is er niets aan de hand
en heeft hij overal een logische verklaring voor. Het trieste
van dit verhaal is dat bovenstaande informatie uit de Nederlandse
media afkomstig is. In Oeganda is er geen krant of nieuwsuitzending
die hier iets over meldt. Het belangrijke nieuws zal de lokale
bevolking dus nooit bereiken...
Een onderwerp dat wél het nieuws
haalt, dagelijks zelfs, is de zaak tegen Dr Kizza Besigye.
Afgelopen dinsdag moest hij bij het gerechtshof komen om de
papieren voor zijn vrijlating (op borg) te tekenen. Als een
vrij man loopt hij naar buiten... om vervolgens opnieuw in
de boeien geslagen te worden. Ditmaal in verband met de lopende
beschuldigingen over zijn betrokkenheid bij terrorisme en
het illegale bezit van vuurwapens. Besigye wordt dus weer
afgevoerd naar de gevangenis, waar hij tot 19 december moet
zitten. Dan zal de rechtszaak met betrekking tot de bovengenoemde
beschuldigingen plaatsvinden. Handig om te weten dat dit precies
vier dagen is ná de nominaties voor de kandidaten van
de komende presidentsverkiezingen...
Zaterdag,
3 december 2005
Vandaag moeten we allebei
werken. Bas op kantoor op de farm en Miranda gaat voor de
tweede achtereenvolgende dag naar Jinja waar de Destination
Uganda Expo gehouden wordt. Deze toeristische beurs bevindt
zich op een mooie locatie aan de "Source of the Nile".
Haar werkgever heeft zelf geen stand maar ze sluiten zich
aan bij hun collega's van Adrift, een organisatie gespecialiseerd
in raften. Hoewel er veel promotie voor de beurs gemaakt is,
valt het aantal bezoekers tegen en verlopen beide dagen erg
rustig.
's Avonds gaan we uit eten bij één
van de meest luxe restaurants die er in Kampala te vinden
zijn: het Emin Pasha Hotel, waar de goedkoopste kamers ruim
200 dollar per nacht kosten. Het eten is erg goed en de bediening
opvallend snel. Voor een uitgebreid 3-gangendiner inclusief
drankjes betalen we nog geen € 20 per persoon. Vervolgens
gaan we bij het Just Kicking Café nog wat drinken.
Het blijft echter bij één biertje, aangezien
we nog terug moeten rijden...
Naar boven
Zondag,
4 december 2005
Tegen 10.00 uur stappen we in de auto
om een bezoekje te brengen aan de Sezibwa Falls ('Blue Nile'
in het Swahili). Hoewel de naam meerdere watervallen impliceert,
is er slechts één te bezichtigen. Een vrij aardige
nog wel. Net na ons arriveert een groep toeristen, Indiërs
vermoeden we. Ze blijken echter uit Bangladesh afkomstig te
zijn, zo ontdekken we wanneer enkelen van hen kennis komen
maken. Vervolgens zijn ze niet meer bij ons weg te slaan.
De waterval en zelfs het schilderachtige, Afrikaanse plaggenhutje
achter ons lijken ze vergeten te zijn. Voor we het weten,
zijn wíj - twee Europese 'toeristen' - de hoofdattractie.
Fototoestellen worden tevoorschijn gehaald en ze vragen netjes
of ze een foto van ons mogen maken. Wij zijn de kwaadste niet
en willen wel meewerken aan een mooi aandenken aan de ontmoeting
met twee blanken toeristen. "No problem", antwoorden
we dus.
Wanneer we echter twintig foto's later
nóg steeds staan te poseren, beginnen we ons af te
vragen waar we in hemelsnaam aan begonnen zijn. Gelukkig komt
er een eind aan de fotoshoot en gaat het groepje Bangladeshis
hun reisgenoten achterna, die inmiddels al de top van de waterval
bereikt hebben. We wachten geduldig tot ze daar weg zijn,
alvorens wij naar boven lopen. We willen geen tweede ontmoeting
met hen riskeren!
Wanneer
we Mawa van haar lunch hebben voorzien, gaan we zelf ook lunchen
- bij de Shoprite in Kampala. De rest van de middag spenderen
we aan inkopen doen bij verschillende supermarkten en maken
we nog een stop bij de meubelboulevard, alvorens we weer terugkeren
naar huis.

Maandag,
5 december 2005
Sinterklaasavond! Pieten genoeg hier, maar
het Sinterklaasgebeuren gaat geheel aan ons voorbij. Geen
pakjes voor ons dit jaar.
Maandagavond volgen we het nieuws omtrent de zware
aardbeving in Oost-Afrika op de Nederlandse radio. Voor ons
geen verrassing, want we hebben 'm zelf gevoeld. 's Middags,
rond 15.00 uur begint de grond zachtjes te trillen, langzaam
steeds duidelijker merkbaar. Het is niet zozeer de kracht
maar de aanhoudendheid van de aardbeving die ons doet opschrikken;
het lijkt een eeuwigheid te duren voordat de trillingen ophouden.
Ook in Kampala haasten mensen zich uit het kantoor waar Miranda
werkt. Aardbevingen komen in dit gebied niet veelvuldig voor
en gebouwen zijn niet bestand tegen aardschokken. Later op
de dag bereikt het nieuws ons dat de trillingen afkomstig
waren van een aardbeving van 7,0 op de schaal van Richter.
Terwijl het epicentrum zich onder het Tanganyikameer in Congo
bevond, was de schok in maar liefst zes landen in Oost-Afrika
merkbaar. Zelfs in Nairobi in Kenia, dat op ruim 1000 kilometer
afstand ligt.
Vrijdag,
9 december 2005
Terwijl Bas op de farm de boel onder controle
probeert te houden, geniet Miranda van een nieuwe FAM-trip.
Ditmaal een bezoek aan het eiland van de chimpansees: Ngamba
Island Chimpanzee Sanctuary in Lake Victoria. Zo'n 96% van
het 40 hectare grote eiland is bebost en staat ter beschikking
van de chimpansees die hier leven. De apen, die ooit als binnengebracht
zijn als wees of geconfisqueerd van stropers, kunnen niet
meer teruggeplaats worden in de vrije natuur. De meerderheid
is afkomstig uit Kibale en Congo.
(lees
meer...)
Samen met een twintigtal Oegandese collega's uit
de reiswereld verzamelt Miranda zich bij het Uganda Wildlife
Centre vanwaar de boot naar het eiland vertrekt. Geen speedboat
maar een gemotoriseerd lokaal bootje brengt hen in twee uur
naar het eiland. Een lange tocht maar desalniettemin erg mooi
en - dankzij de vrij hoge golven - nat. Tegen 13.00 uur arriveren
ze op Ngamba Island. Ze worden verwelkomd door de directrice
die hen van een gedetailleerde uitleg voorziet over het eiland,
de chimps en alle gerelateerde projecten. Ze vertelt dat er
twee groepen op het eiland leven: de volwassengroep en de
jongerengroep. De volwassenen leven overdag vrij in het bos
en weten precies hoe laat ze gevoerd worden bij het visitor-platform.
's Avonds komen ze vrijwillig terug om in hun hangmat in enorme
kooien de nacht door te brengen. Hier blijven ook de jongeren
die tweemaal daags uit wandelen worden genomen in het bos.
Om 13.30 uur staat er een uitgebreide lunch
klaar en een uurtje later is het dan ook voedertijd voor de
chimpansees. Eerst krijgen de jongeren hun lunch, dat voornamelijk
uit fruit en pinda's bestaat. Het feit dat deze apen voor
98,4% aan de mens verwant zijn, is nu duidelijk zichtbaar.
Nadat ze hun grootste honger gestild hebben, gaan ze over
tot hamsteren. Met hun handen én voeten verzamelen
ze zoveel mogelijk etenswaren, om die later rustig in hun
hangmat op te peuzelen. De één is nog hebberiger
dan de ander! Schillen worden overigens netjes buíten
het hok gegooid. Vervolgens is het etenstijd voor de volwassengroep
in het bos. Alsof de chimpansees over een goed lopend uurwerk
beschikken, hebben ze zich al voor het platform verzameld,
in afwachting van hun maaltijd. Vanaf het platform sta je
dichtbij deze wonderbaarlijke schepsels, maar het hekwerk
dat de groep bezoekers van de apen scheidt, zorgt toch enigszins
voor een "dierentuin-gevoel". Weer zijn de herkenbare
menselijke trekken van de chimpansees verbazingwekkend. Terwijl
de verzorgers hen verschillende vruchten toewerpen, grijpen
ze zoveel als ze maar kunnen vasthouden en gaan het vervolgens
rustig opeten. En wanneer ze van mening zijn dat ze meer moeten
hebben, maken ze dat kenbaar door hun ene arm de lucht in
te steken, gepaard met een eigenaardig geluid. Pas als alles
op is, keren de chimps tevreden terug naar de dichte begroeiing
van het bos. Ook Miranda en haar collega's trekken zich terug
en keren tegen 16.00 uur naar het vasteland.
Naar boven
Zondag,
11 december 2005
Vandaag staat er weer een voetbalwedstrijd op
het programma: Royal van Zanten versus Wagagai, een (Europese)
flower farm aan Lake Victoria. Met twee matatubusjes vol spelers
rijden we richting Entebbe. Niet alleen voetballers gaan mee,
maar ook de dames die korfbal spelen zullen het opnemen tegen
het korfbalteam van Wagagai. Het blijkt nog een hele kunst
te zijn om onze twee matatu's te volgen. Er rijden honderden,
identieke taxibusjes op de weg, van alle kanten inhalend,
en het valt niet mee onze eigen gehuurde busjes te onderscheiden;
op goed geluk volgen we de matatu die voor ons rijdt, hopend
dat het busje Wagagai als eindbestemming heeft. Om 16.00 uur
arriveren we op de farm en hebben de teams de tijd om warm
te lopen. Ook Bas moet spelen en er wordt hem door zijn teamgenoten
géén wissel gegund!
Om 17.00 uur klinkt het startsignaal
van de wedstrijd. De teams blijken eerlijk ingedeeld te zijn;
aan beide kanten speelt één Mzungu. Bas bij
van Zanten en Johan (de keeper tijdens het interland tegen
België) versterkt het team van Wagagai. Ditmaal overigens
niet als keeper maar als fervente verdediger. De eerste helft
blijkt het team van Wagagai sterker te zijn en komen ze op
1-0 voorsprong. Bij een pijnlijke botsing tussen de keeper
van Wagagai en één van onze spelers, moet onze
tegenstander het onderspit delven. Met een flinke hoofdwond
wordt hij van het veld gedragen. De tweede helft komt van
Zanten sterker terug en weet de rechtsbuiten zelfs te scoren.
Bas is in de tussentijd weinig aan de bal geweest en wordt
op zijn verzoek dan toch eindelijk gewisseld. Beide teams
krijgen nog een paar kansen, maar echt spannend is het niet
meer. Uiteindelijk weet Wagagai toch nog te scoren en de stand
op 2-1 te brengen. Al moet er wel bij vermeld worden dat deze
goal in de 99ste minuut plaats vindt - de scheidsrechter lijkt
het niet al te nauw te nemen met de gebruikelijke speeltijd
van 90 minuten. Het is dus al 19.00 uur als de wedstrijd afgefloten
wordt en de Wagagai-spelers welgemeend gefeliciteerd worden.
We drinken nog een soda alvorens afscheid te nemen en de avond
af te sluiten bij de Italiaan in Muyenga.
Woensdag,
14 december 2005
Morgen stappen de ouders en zus van Miranda
in het vliegtuig om vrijdagmiddag voet op Oost-Afrikaanse
bodem te zetten. Hun eerste ontmoeting met donker Afrika!
We kijken erg uit naar hun komst, tenslotte betekent het ook
voor ons vakantie. Het zal leuk zijn om te laten zien waar
en hoe we wonen en bovendien zullen we met hen een week op
safari gaan om meer van het land te (laten) zien.
Een andere leuke bijkomstigheid van het
bezoek van familie is dat we Oeganda weer even door hun ogen
zullen zien. Na drieënhalve maand zijn we inmiddels gewend
aan het dagelijkse straatbeeld en staan we niet meer te kijken
van koeien die op de snelweg lopen of een (levend!) varken
dat achterop een brommer wordt vervoerd. Het zal echter een
hele ervaring voor onze familie worden!
Vrijdag,
16 december 2005
Hoewel we eigenlijk helemaal niet
in de kerststemming zijn, kunnen we het niet maken om dit
jaar geen kerstboom te zetten. Bas snijdt een tak af van een
denachtige boom in onze tuin, plant het in een pot, en klaar
is kees. We hebben zelfs kerstlichtjes gekocht, maar helaas
zijn die al kapot voordat we ze erin kunnen hangen. Een beetje
een kale kerstboom dus dit jaar.
Gisteren is de nieuwe groep van de
Holland Africa Tour op het bedrijf gearriveerd, volgeladen
met spullen die ze op hun reis nodig hebben. Na één
nacht op de farm doorgebracht te hebben, zijn ze vanmiddag
vertrokken. Op weg naar Murchison Falls waar we hen over een
paar dagen waarschijnlijk zullen tegenkomen. Vanaf daar reizen
ze via enkele andere nationale parken in Oeganda naar Rwanda
en kruisen ze Tanzania om ten slotte over precies een maand
in Malawi te eindigen.
Vanmiddag gaan we de ouders en zus van Miranda
ophalen. Rond 13.00 uur verlaten we de farm en vrijwel tegelijk
met hen arriveren we in Entebbe. Het duurt nog bijna een uur
voordat ze via de douane naar buiten komen. Na een warm weerzien
besluiten we eerst wat te gaan drinken alvorens we aan het
laatste deel van hun lange reis beginnen. Natuurlijk kijken
ze hun ogen uit - als ze die ten minste open kunnen houden
- terwijl we langs het Victoria meer richting Mukono rijden.
Vol verbazing zien ze hoe de ingedeukte matatu's en boda-boda's
tussen het verkeer krioelen, hoe afgeladen fietsen vervoerd
worden en hoe de mensen sjouwen met jerrycans, gevuld met
(drink)water. Maar het wordt helemaal leuk als we Mukono achter
ons laten en het échte Afrika ingaan. Hier zien ze
hoe de lokale bevolking in plaggenhutjes tussen de bananenbomen
woont en de kinderen op blote voetjes rondrennen. "Waar
ga je nóu naar toe?" roepen ze verschrikt uit
als Bas het smalle weggetje in Namaiba inslaat. Tja, dit is
wel even iets anders dan de Dorpsstraat of Breestraat in Sint
Tunnis! Eenmaal op de farm moeten ze toegeven dat we toch
wel prachtig wonen. Het is al snel donker en gezien de lange
reis die ze achter de rug hebben, willen ze zo snel mogelijk
naar bed. Maar niet voordat de koffers opengebroken worden
voor onze cadeaus: buxusstekjes (met dank aan Geert), dvd's,
chocoladeletters en een enorme zaklamp komen tevoorschijn.
Naar boven
Zaterdag,
17 december 2005
Natuurlijk slapen de ouders en zus
van Miranda een beetje uit. Na het ontbijt maken we een wandeling
over de farm en hoewel Bas druk aan het werk is, weet hij
tijd vrij te maken om een korte rondleiding te geven. Het
is wederom een hete dag en vooral in de kassen is het bijna
niet uit te houden.
Rond de middag lunchen we en daarna vertrekken
we naar Garden City Center om geld te wisselen. De kerstsfeer
zit er hier al goed in; het winkelcentrum is volop versierd
en er worden verschillende optredens verzorgd. Na een drankje
en de nodige boodschappen keren we laat in de middag terug
naar Mukono. Nu hebben Marie-José en Diane de smaak
te pakken, want tijdens het laatste stukje zwaaien ze aan
één stuk door. Niet alleen naar de enthousiaste
kindjes, maar naar ook de werknemers die vanaf de farm naar
huis lopen en andere voorbijgangers. 's Avonds nemen we de
familie Bekkers mee naar het Colline Hotel voor een goed(kop)e
maaltijd. Zoals gewoonlijk zijn we de enige gasten maar dat
maakt het er niet minder gezellig op.
Zondag,
18 december 2005
Een vroeg vertrek vandaag want er
staat ons een lange rit te wachten. Als het goed is, zal Mawa
de komende week door onze huishoudster gevoerd worden, maar
rekening houdend met de mogelijkheid dat deze belofte niet
waargemaakt zal worden, nemen we afscheid van het hondje.
Via Kampala rijden we richting Masindi. We volgen een goede
weg waardoor we flink tempo kunnen maken. Geleidelijk aan
verandert het landschap van vruchtbaar naar een kaal en dor
gebied. In het dorpje Nakasongola maken we een stop voor de
lunch. Geen goedgevulde sandwich of westerse lunch dit keer,
maar eten wat de lokale pot schaft: droge cassave met een
vettig stukje rundvlees. Diane en Marie-José houden
het wijselijk bij een soda. Naast het restaurant hangt het
overige gedeelte van de koe nog te drogen, de bebloede enorme
hoorns achteloos op de grond gegooid.
We missen de eerste afslag naar Masindi
waardoor we iets moeten omrijden. Het betekent tevens het
einde van de verharde weg en vanaf Kigumba volgen we de 'dirt
road' naar het westen. Het weinig afwisselende landschap glijdt
langzaam aan ons voorbij. In Masindi tanken we de auto nog
een keer vol en vervolgens rijden we door naar het park. We
betalen entree in het kantoortje van UWA en weten de parkwachters
ervan te overtuigen dat ze twee maal 'residents rates' moeten
berekenen. Vanaf de Kichumbanyobo Gate is het nog 80 à
90 km naar onze verblijfplaats voor de komende dagen. We rijden
door een voornamelijk bebost gebied en zien - naast een dode
genet, enkele bavianen en parelhoenders - niet veel wild.
Het laatste stukje is meer open en hier ontdekken we de eerste
buffels, wrattenzwijnen, kobs en krokodillen. Tegen 18.30
uur arriveren we bij Red Chilli Hideaway. Het is prachtig
gelegen aan de Nijl met uitzicht op de rivier en Paraa Lodge.
In de tuin wandelen een eenzame maraboe en enkele, guitig
uitziende (wilde!) wrattenzwijnen rond . Zoals verwacht treffen
we hier ook de Holland-Africa groep aan. Bekende gezichten!
De familiebanda die voor ons is vrijgehouden, bestaat uit
twee kamers en een badkamer. Eenvoudig maar voor die paar
nachten goed genoeg. Dat er alleen koud water uit de douche
komt, ervaren we niet als een probleem; het is hier zo mogelijk
nóg heter dan in Kampala en omgeving. Het restaurant
biedt niet veel keus maar wel goede maaltijden. Na het eten
blijven we er nog lang gezellig napraten.
Maandag,
19 december 2005
We staan vroeg op, laten het ontbijt inpakken
en nemen om 08.00 uur de ferry naar de overkant. Een game
drive aan de noordkant van het park levert een prachtige zoektocht
naar wild op. Uganda kobs zijn er in overvloed, net zoals
a ndere
hertachtigen, waaronder de Jackson's hartebeest, Defassa waterbuck,
en reedbucs. Patas monkeys rennen tussen de oribi's door het
lange savannegras en af en toe zien we een verdwaalde buffel.
Plotseling, uit het niets, worden we omringd door giraffen.
De gevlekte langnekken staan rustig langs de weg te eten,
niet gestoord door onze aanwezigheid en bewonderende blikken.
Via het Victoria Track en Queen's Track passeren we Lake Albert
en rijden we terug naar Paraa Lodge voor de lunch. Onderweg
wordt ons nog een snelle blik op een olifant gegund, die eenzaam
het bos inloopt.
Om 14.00 uur vertrekken we voor een boottocht
over de Nijl, richting de waterval. We varen dicht langs de
oever ,
met uitstekend zicht op honderden nijlpaarden, red-breasted
bee-eaters, pied kingfishers, fish-eagles en olifanten die
komen drinken of in het riet staan te eten. Krokodillen liggen
doodstil aan het water, met hun bek wagenwijd open, bijna
alsof ze er met opzet neergelegd zijn. Papyruseilanden glijden
aan ons voorbij en nijlpaarden plonzen in het water of kijken
nieuwsgierig net boven het wateroppervlak uit. Het uiterlijk
en gedrag van deze logge beesten leidt tot veelvuldige grapjes.
Alleen al het voor de geest halen van nijlpaarden die met
z'n allen bommetje doen in de rivier, of de manier waarop
ze zorgvuldig hun ontlasting verspreiden, zorgt de dagen erna
voor veel gelach.
Na ruim twee uur bereiken we de fameuze
waterval. Op 500 meter afstand blijft de boot steken, omdat
de stroming verder te sterk wordt. Wanneer iedereen de gewenste
foto's heeft gemaakt, keren we terug. Bas stapt aan de Paraa-kant
uit, in de veronderstelling dat hij om 17.00 uur met de auto
de rivier kan oversteken. De ferry blijkt echter pas een uur
later te vertrekken. Gelukkig krijgt Miranda een lift van
een vissersbootje, waardoor ze terug kan naar Paraa en we
met z'n tweeën nog een korte avond game drive kunnen
maken. Tijdens een typerende Afrikaanse zonsondergang genieten
we van een drankje bij Paraa Lodge. De laatste ferry gaat
om 19.00 uur terug, maar heeft ruim dertig minuten vertraging.
Harrie, Marie-José en Diane zijn inmiddels goed aankomen
bij de banda (slechts een paar honderd meter lopen) en na
een snelle douche schuiven we voor het avondeten aan, met
nog enkele biertjes erop volgend.
Naar boven
Dinsdag,
20 december 2005
Deze morgen brengen we een bezoek
aan de Top of the Falls, een uurtje rijden vanaf Red Chilli.
Op de plek waar de twee watervallen zich bevinden, maken we
een wandeling van 1 à 1,5 uur. Het is een adembenemend
zicht op de twee watervallen, waar het water zich door een
smalle spleet tussen de rotsen perst. Vanaf hier kunnen we
ook de Uhuru Falls zien, die naast de watervallen van Murchison
liggen.
We lunchen in een hutje vlakbij de
waterval en besluiten door te rijden naar Rabongo Forest,
een mooi tropisch woud waar veel apen zouden moeten zitten.
Onderweg passeren we grote stukken gebied, die met opzet zijn
afgebrand om het gewas weer sneller te laten groeien. Op sommige
plekken brandt het vuur nog volop en voelen we de hitte op
onze huid branden. Naast enkele wrattenzwijnen en waterbucks
zien we geen enkel wild; bijna alles bevindt zich aan de andere
kant van de rivier. Eenmaal in Rabongo Forest aangekomen,
wacht ons een teleurstelling. Op wat houten hutjes en twee
parkwachters na, is deze plek helemaal uitgestorven. Bovendien
zijn er nauwelijks apen te vinden in het bos en is het veel
te droog om dieren te spotten, vertellen de rangers ons. Gelukkig
is er nog wel een 'indrukwekkend' museum dat vol trots aan
ons getoond wordt. In een muffige ruimte bevindt zich een
collectie van een stuk of tien opgezette vlinders. In de kamer
ernaast ligt een kleine verzameling botten en schedels van
hertachtigen, apen en nijlpaarden. Met geveinsde interesse
nemen we er snel een kijkje en zien tot onze opluchting iets
wat meer onze aandacht trekt: een familie black-and-white
colobus aapjes slingeren in de bomen boven ons en staren ons
nieuwsgierig aan. Is de lange rit toch niet helemaal voor
niets geweest!
We rijden weer terug naar de Nijl
in de hoop dat we nog een vissersbootje kunnen charteren om
een kort tochtje over de rivier te maken. Helaas is het al
te laat en kunnen we niets meer regelen. Geen boottocht dus,
maar we slagen er wel in een gewild T-shirt van UWA te bemachtigen,
iets waar Diane en Marie-José later erg jaloers op
zijn!

Klik hier voor meer informatie over
Murchison Falls National Park
Woensdag,
21 december 2005
Vroeg op want we hebben een lange rit voor
de boeg. Ontbijt laten we weer inpakken en we zorgen dat we
om 07.00 uur weg zijn. Via de Bugungu Gate verlaten we het
park en volgen we een stoffige weg naar het westen. We passeren
kleine dorpjes en mensen in grote getalen, die met hun vee
- koeien, kippen of geiten - naar een grote markt lopen. Gezien
de afstand die ze moeten afleggen, zijn de meeste waarschijnlijk
al veel vroeger dan wij vertrokken. De iets welgesteldere
hebben de beschikking over een fiets en vervoeren hun geit
achter op de pakkendrager. Toch komen de mensen niet al te
vriendelijk over. Al heel snel worden handen uitgestoken,
níet omdat we zo welkom zijn maar om geld te ontvangen.
Ze vragen het niets eens vriendelijk, maar roepen op dwingende
toon "Give me money" of "Give me your water".
Foto's maken is hier al helemaal uit den boze! Het is zelfs
zo erg dat een meisje op de vlucht slaat wanneer Bas ergens
een paar kraanvogels spot en de auto in z'n achteruit zet
om ze van dichtbij te bekijken. Ze rent voor haar leven, af
en toe omkijkend of we haar volgen.
In Bulisa slaan
we linksaf en langs Lake Albert rijden we naar het zuiden
richting Hoima. De weg blijft redelijk en kent zelfs een verhard
stukje, vanwaar we een prachtig uitzicht op het meer hebben.
Het is net te bewolkt om de Blue Mountains van Congo in de
verte te zien liggen. Tot onze schrik start de auto echter
niet meer wanneer we vanaf het uitzichtpunt de nodige foto's
hebben gemaakt. De contactklem van de accu blijkt kapot te
zijn, maar met een beetje handwerk krijgen we de auto toch
gestart. Zolang we 'm nu maar niet af zetten! Tegen 10.00
uur arriveren we in Hoima en gaan we eerst op zoek naar een
tankstation en een garage. Zoals verwacht gaat het allemaal
in een Oegandees tempo, al wordt de klem wel netjes gerepareerd.
Tegen de tijd dat ze klaar zijn, kunnen we meteen gaan lunchen,
alvorens door te rijden naar Fort Portal.
Deze tweehonderd kilometer voert helaas
over een zeer slechte weg; het mag de naam "weg"
nog niet eens dragen! Het is heuvelachtig en het pad is bedekt
met gaten, kuilen en keien. Desalniettemin is de route prachtig
en genieten we volop. Kleine dorpjes met karakteristieke hutjes
volgen elkaar snel op en de mensen zwaaien al een stuk vriendelijker
naar ons. In Kibanga nemen we pauze om een verfrissende soda
te drinken en natuurlijk staan we weer ongewild in het middelpunt
van de belangstelling. Zéker wanneer we de auto wéér
niet gestart krijgen! Blijkbaar zijn die uren bij de garage
toch niet zo goed besteed geweest als we dachten. De dorpelingen
komen meteen met hun wijze raad ons ter zijde staan, al is
het enige wat we van hen nodig hebben een andere (goede) accu.
Terwijl het hele dorp inmiddels is uitgelopen, komen enkele
behulpzame mannen eindelijk met een andere accu tevoorschijn,
waarmee we de Toyota kunnen starten. We vervangen hun accu
door onze eigen accu en zorgen dat we snel weg komen!
De laatste vijftig kilometer
naar Fort Portal is aangenaam verhard. De weg loopt door een
groen, bergachtig gebied, volledig bedekt met theeplantages.
Op de achtergrond tekenen mysterieus de Mountains of the Moon
zich af. Rond 17.30 uur arriveren we in het Rwenzori View
Guesthouse. Het ziet er keurig verzorgd uit en na een paar
dagen met koud water gedoucht te hebben, is het warme water
zeer welkom. Maar voor te kunnen douchen, moeten we nog eerst
met de auto naar een garage in het centrum. De werknemers
hier lijken er al iets meer verstand van te hebben dan de
inwoners van Kibanga, maar uiteindelijk besluiten we toch
maar een nieuwe accu te kopen. De Ush 30,000 die het garagepersoneel
vraagt voor een half uurtje naar de accu kijken, betalen we
natuurlijk niet.
's Avonds schuiven we in het guesthouse aan een
grote tafel, waar alle gasten zich omheen scharen. Op een
huiselijke manier worden de schalen en pannen doorgegeven
en het eten laat zich goed smaken. Met de rijkelijk versierde
boom en kerstmuziek op de achtergrond komen we eindelijk een
beetje in de kerststemming. Zeker gezien het feit dat het
hier 's avonds maar liefst tien graden afkoelt. Bijna net
zo koud als in Nederland!
Naar boven
Donderdag,
22 december 2005
Vandaag staat Semliki op het programma.
De weg naar Bundibugyo, die midden door het nationale park
loopt, is wederom niet de meest comfortabele weg maar wel
met schitterende vergezichten! Met het Rwenzori gebergte aan
onze linkerzijde rijden we via een pad met scherpe haarspeldbochten
naar het noorden. De groene bergen aan onze rechterkant maken
plaats voor een uitgestrekte vallei: het Semliki Wildife Reserve.
Bij een drukke markt stoppen we even om ons onder de lokalen
te begeven. Er wordt fruit en kleding verkocht en in een kraal
staan koeien, waarschijnlijk ook om verkocht te worden. We
besluiten om wat mango's in te slaan. "Hundred shilling,"
is het antwoord als Miranda vraagt hoe duur ze zijn. Honderd
shilling per stuk neemt ze aan, maar ze krijgt maar liefst
acht stuks in haar handen geduwd voor dit astronomische bedrag!
Wanneer we verder rijden hebben we uitzicht op
Congo, gescheiden van Oeganda door de natuurlijke grens, de
Semliki River. Na bijna twee uur rijden arriveren we in het
nationaal park, waar we een wandeling door het bos en naar
de hot springs kunnen maken. Een forest walk van ongeveer
drie uur, volgens onze gids Samson. Tja, met zíjn tempo
(van praten vooral) wel ja! Zelf hadden we het in een uurtje
kunnen doen.
In het gezelschap van een Amerikaanse
toerist wandelen we door het Ituri regenwoud naar een moerasgebied,
waar zich de eerste Sempaya hot spring bevindt. Op zich niet
erg bijzonder, maar de groene omgeving van palmen en moerasplanten
maakt het tot een uitzonderlijk pittoresk plekje. Bovendien
geven de ontsnappende dampen een mystieke tintje aan het sprookjesachtige
landschap. Meer warmwaterbronnen bevinden zich iets verderop
en lenen zich bij uitstek voor het koken van eieren. Goed
voorbereid hierop hebben we een zakje eieren meegebracht.
De gids laat ze stuk voor stuk voorzichtig in het borrelende
water glijden. Na enkele minuten rijzen vragen bij ons op,
als "Wie gaat ze er nu uithalen?" en "Wie laat
ze schrikken?". Vanzelfsprekend is onze gids hier weer
de aangewezen persoon voor. Bij de bronnen bevindt zich een
hutje waar we rustig kunnen lunchen: een gekookt eitje en
een mango! Hardgekookt zijn ze echter bij lange na niet en
vier van de zes eieren worden weggegooid. De overige twee
legt Samson opnieuw in het water, die later smaakvol genuttigd
worden.
We zijn al snel weer terug bij het
hoofdkwartier van UWA en drinken een verfrissende soda, alvorens
het park verder in te rijden. Hierbij passeren we het dorpje
van de pygmeeën. Van oorsprong zijn deze mensen jagers
en verzamelaars die nog steeds in het Semliki regenwoud leven.
Door de komst van toerisme is hun levensstijl echter drastisch
veranderd. Waar reeds voor gewaarschuwd was, blijkt inderdaad
een triest tafereel te zijn. Zodra ze toeristen ruiken, rennen
de mannetjes naar de straatkant en verdwijnen de vrouwen in
hun hut om met ontbloot bovenlijf weer tevoorschijn te komen.Voor
een foto vragen ze Ush 30,000. De gemiddelde Oegandees moet
hier een halve maand voor werken! (Noot: de foto van de pygmeeën
is stiekem genomen met de filmcamera). Nee, dan laten we liever
geld achter bij enkele lokalen die verderop stoelen verkopen;
comfortabele ligstoeltjes voor Ush 7,500 per stuk. In de middag
rijden we via dezelfde panoramische weg terug naar Fort Portal.
's Avonds eten we bij het beste restaurant dat in het plaatsje
te vinden is, The Gardens. Goed eten en een snelle bediening!

Klik hier voor meer informatie over
Semliki National Park
Vrijdag,
23 december 2005
Kennismaking met de Bunyuruguru Crater
Lake regio. We starten bij het meest noordelijke meer, Lake
Nkurubu. Een wandeling om dit meer levert één
van de beste ontmoetingen met apen op. De black-and-white
colobus en de red colobus zijn in grote getalen aanwezig,
beide op een andere manier. Terwijl de eersten stiekem vanaf
een tak naar ons gluren, nieuwsgierig maar wel op hun hoede,
gaan de apen met een rode kruin ongestoord verder met hun
bezigheden. Hoewel het meer niet groot is, vormt het pad een
aardige uitdaging.
Vervolgens gaan we op zoek naar de
Mahoma Falls. Na een half uur tevergeefs zoeken, schakelen
we de hulp van een gids in, die ons naar de verborgen weg
naar de waterval leidt. De auto kunnen we achterlaten in een
klein dorpje - de Toyota is bijna nog groter dan het huis
waar het naast staat! Vanaf hier is het nog circa dertig minuten
lopen. Het pad voert door maïsvelden en langs authentieke
Afrikaanse hutjes, en het duurt niet lang voordat we een stoet
kinderen achter ons aan hebben lopen. Het laatste gedeelte
van het pad loopt erg steil naar beneden en heel voorzichtig
dalen we af, oppassend om niet uit te glijden. De kindjes
die ons met groot plezier volgen, lijken er veel minder moeite
mee te hebben. Voor hen is het natuurlijk een dagelijks tochtje.
De waterval is niet groot maar wel de moeite waard.
Tegen de tijd dat we terug zijn, is
het tijd om te lunchen. We rijden naar Ndali Lodge, een luxueuze
lodge met schitterend uitzicht op de diepgroene, heuvelachtige
omgeving. We worden erg hartelijk ontvangen en rondgeleid
door de eigenaar... waarna we ruim anderhalf uur op de lunch
moeten wachten. Om 16.00 uur kunnen we eindelijk door. We
volgen de route langs Lake Mwamba, Lake Lugembe en stoppen
nog voor een soda bij Lake Nyabikere, ' Lake of the Frogs'.
Tegen 19.00 uur zijn we terug bij het guesthouse en dineren
we later bij hetzelfde restaurant als de avond ervoor.

Klik hier voor meer informatie over
Kibale National Park

Zondag, 25 december 2005 -
Christmas Day
Een rustige Eerste
Kerstdag en zonder meer de warmste kerst die we ooit hebben
meegemaakt! Op deze speciale morgen verzorgen we een uitgebreid
kerstontbijt voor Harrie, Marie-José en Diane, met
koffie, vruchtensap, eitjes (hardgekookt!), broodjes en zelfs
een amandelstaaf uit Nederland! Na het ontbijt wandelen we
mét Mawa náár Mawa, maar het is zo warm
dat we al snel omkeren. 's Middags rijden we even naar Mukono
waar de helft van de winkels gewoon geopend is. We sluiten
Eerste Kerstdag af met een sfeervol 3-gangendiner in Kampala.

Maandag,
26 december 2005 - Boxing Day
Hoewel het vandaag ook nog officieel
een feestdag is, gaat Bas weer aan het werk en houden Harrie,
Marie-José en Diane een dagje rust voor de lange reis
die morgen op de planning staat. Na de lunch neemt Miranda
ze mee naar de Sezibwa Falls. Het is er nu een stuk drukker
dan de vorige keer; veel families komen hier op hun vrije
dag picknicken. We wandelen naar de top van de waterval en
drinken een soda. Weer lijken wíj de attractie van
de omgeving te zijn, want er worden wederom foto's van ons
gemaakt. Ditmaal door Oegandezen zelf. 
Op weg naar de Falls hebben we een
stop gemaakt bij een paar kindjes om ballonnen uit te delen.
Wanneer we terugrijden staan ze ons al enthousiast op te wachten,
met fruit in hun handen. Als dank voor de ballonnen geven
ze ons een kleine papaya en een paar passion fruits. De papaya
is half rot en de passievruchten moeten nog drie maanden rijpen,
maar het is goed bedoeld. 's Avonds gaan we uit eten bij ons
favoriete hotel. Bas is niet helemaal lekker en eigenlijk
zitten we nog een beetje vol van het kerstdiner dus veel wordt
er niet gegeten.

Dinsdag,
27 december 2005
Harrie, Marie-José en Diane
staat een nieuw safari-avontuur te wachten, ditmaal met een
gids en Landrover van Great Lakes Safaris. Ze rijden 's morgens
met Miranda mee naar kantoor, waar ze de gids ontmoeten en
om 08.15 uur richting Queen Elizabeth vertrekken.
Sinds enkele dagen is onze tuin omheind. Het hek,
waarmee begonnen is voordat we op vakantie gingen, is tijdens
onze afwezigheid voltooid. Het is Mawa-proof, maar daar is
dan ook alles mee gezegd!
Naar boven
Zaterdag, 31 december 2005
De laatste dag van het jaar... Wie
had eind 2004 kunnen denken dat we deze jaarwisseling in het
verre donkere Afrika zouden vieren?!
Terwijl het voor ons een normale werkweek
was, hebben Harrie en Marie-José en Diane hun safari
in Oeganda vervolgd en nieuwe belevenissen opgedaan. Miranda
gaat ze na de lunch ophalen bij het Colline Hotel. Natuurlijk
komen er direct animerende verhalen naar boven en wordt er
uitvoerig gesproken over alles wat ze meegemaakt hebben. Queen
Elizabeth was schitterend met veel olifanten, nijlpaarden
en zelfs drie leeuwen. Maar over Lake Mburo zijn ze helemaal
enthousiast. Honderden zebra's gezien en geslapen in een safaritent,
midden tussen de wilde dieren. De nijlpaarden kwamen letterlijk
tot in de tuin, wrattenzwijnen scharrelden om de tent en een
slaperige Diane stuitte in de vroege ochtend, op weg naar
het toilet, op een verdwaalde buffel. Wie zou er meest geschrokken
zijn? Hoewel de overnachtingen in Lake Mburo behoorlijk eenvoudig
waren, vormt het slapen in een tent en een kampvuur in de
avond - samen met de wilde dieren - een onvergetelijke belevenis
en een nieuwe kennismaking met het échte Afrika.
Het eerste wat ze dan ook doen als we op de farm arriveren,
is douchen. Ze kunnen nog even bijkomen en hun spannende verhalen
vertellen, alvorens we naar het Colline Hotel rijden voor
het laatste diner van het jaar. We eten uitgebreid en na het
toetje keren we huiswaarts, om ín Mawa en mét
Mawa het nieuwe jaar in te gaan. We zetten zowel de tv als
radio aan, maar beide media besteden weinig aandacht aan de
jaarwisseling. Om klokslag 12 uur is de radio nog halverwege
een liedje en één van de vijf televisiezenders
die we aan kunnen, laat zo'n vijftien seconde vuurwerk zien,
waarna het huidige programma, een soap, gecontinueerd wordt.
Zoals elk jaar gaan we ook nu naar
buiten, in de hoop iets van vuurwerk op te vangen. Behalve
zo nu en dan een kleurig, flitsend lichtje in de verte, valt
er echter niet te zien. In Katuba, het aangrenzende dorpje,
wordt zo te horen wel uitbundig gefeest; we horen trommelslagen,
gejoel en het geclaxoneer van de twee auto's die Katuba rijk
is. We wensen de mensen van de security een Happy New Year
en gaan terug naar binnen om de laatste twintig nummers van
de Top 2000 Allertijden op radio 2 te luisteren. Voordat in
Nederland het nieuwe jaar is ingeluid, ligt hier echter iedereen
al te slapen...
Naar boven |